Bij valeurajoutee zijn drie delen verschenen met bewerkingen van pianomuziek van Rachmaninoff (momenteel te bestellen bij Boeijengamusic.com).
Zowel bekende werken als het Preludium in g en de Vocalise zijn daarin opgenomen, naast onbekendere zowel eenvoudige als virtuoze werken.
Op de cd-opname uit Diekirch (zie onderaan deze pagina) is een groot deel daarvan opgenomen.
Eerst een teaser:
Sergeï Rachmaninoff, wel de laatste Romanticus genoemd, werd zowel bewonderd als verguisd. Omdat hij bleef schrijven in een voor zijn dagen ouderwets idioom werd hij weggehoond door collega’s en pers. De vernieuwingen van de 20ste eeuwse muziek gingen langs hem heen. Toch was hij zelf enthousiast over een vooruitstrevend werk als Strawinsky’s Vuurvogel. Misschien dat Strawinsky op zijn beurt het eerlijkste oordeel gaf over zijn landgenoot: “Als 25-jarige was hij al een ‘oude’ componist. Maar denk niet dat ik hem daarom minacht. Hij was een fantastisch mens en er zijn velen lang vóór hem die het juist verdienen gedenigreerd te worden. Als ik aan hem denk, vormt zijn rust een nobel contrast met de zelfgenoegzaamheid van vele andere musici.” *
Door zijn toegankelijke stijl is Rachmaninoff nog steeds geliefd was bij een breed publiek. De oprechte uitdrukking van zijn muziek, de melancholie, de meeslepende melodieën en zijn gloedvolle uitvoeringen overtuigden velen. Het vasthouden aan de laat- 19e eeuwse stijl was meer dan nostalgie. De dramatische gebeurtenissen in zijn vaderland, dat hij nooit meer zou zien, en zijn gedwongen vertrek bepaalden sterk zijn levenshouding. Het gemis van Rusland spreekt uit vrijwel al zijn muziek, die misschien wel een compensatie was voor dat gemis, hem behoedde voor een steeds op de loer liggende depressiviteit.
Na een succesvolle start van zijn carriere als pianist, dirigent en componist, had hij na de revolutie van 1917 Rusland moeten verlaten. Hij verhuisde uiteindelijk naar Amerika, waar hij op alle belangrijke podia optrad. Van zijn werken werd vooral het 2de pianoconcert bekend. Zijn pianomuziek is tot op heden een belangrijk deel van het repertoire van alle pianovirtuozen. Beroemd is de Prelude in cis (die hij als 19-jarige componeerde en hem zijn leven lang vergezelde als geliefde toegift, hoewel het stuk hem daardoor zelf ging tegenstaan), evenals het vuurwerk van de Prelude in g en de melancholie van de Vocalise. Deze werken werden al vroeg in de 20ste eeuw ook op orgel gespeeld.
Er waren toen weinig grote componisten die nog voor orgel componeerden. De muziek van Rachmaninoff was een welkome aanvulling op het repertoire. En is dat nog steeds. Daar sluit deze cd op aan met een keus uit pianowerken van Rachmaninoff die overtuigend tot hun recht komen op orgel. De pianotextuur is meestal vrij eenvoudig op orgel te spelen: de basnoten in het pedaal, de akkoorden in de linkerhand en de melodie solistisch op een ander klavier. Soms biedt het orgel juist ideale mogelijkheden, bijvoorbeeld door het basthema uit de Prelude in g in het pedaal te spelen, door lange melodische tonen beter te verbinden, door tegenstemmen er op een ander klavier uit te lichten. De kleurmogelijkheden van de verschillende registers bieden vooral in variatiereeksen een extra dimensie aan de klank. Rachmaninoff’s laatste pianocompositie, de Corelli Variaties, klinkt op orgel als een symfonisch werk, waarin alle mogelijkheden van het instrument aan bod komen.